Zwarte mannen Fousert en Van der Veen kwamen gisteravond ogen en oren te kort. 'Gastheerschap' was gisteravond het geheime woord. Boeiende gesprekken met supporters van ADO uit de Hofstad waren naast de doelpunten van de SC meer dan een hoogtepunt. De betrokkenheid van de mannenbroeders uit Den Haag die onze tribune bevolkten vanwege een Veenkoloniaal voetbaltoernooi op de zaterdag was genereus en niet enkel in beeld te vangen. De woorden worden nog gerangschikt. Later meer.
zaterdag 15 december 2012
Op visite (SC Veendam - Helmond Sport)
Labels:
ADO Den Haag,
Gastheerschap,
SC Veendam
woensdag 12 december 2012
Literatuur over Roda
Had Plato het niet over de zintuigelijke en verstandelijke wereld. In de laatste ben je in staat dingen te beredeneren en te bedenken. Zwarte man Sandman zegt verstandige, verstandelijke dingen over de schrijver Dautzenberg opdat wij lezers het met onze zintuigen kunnen waarnemen.
Het is goed dat er eindelijk literatuur over Roda is, verwelkomde Arnon Grunberg de roman ‘Extra tijd’ van A.H.J. Dautzenberg. De zin stond op de papieren band om het boek. De uitgave viel mij om nog een reden op: een zwarte man op de omslag.
Op een vrije trapafstand (mits door Ronald Koeman genomen) van het Feijenoord-stadion, tijdens de literaire avond Boek Nu! in de wijk Katendrecht, kocht ik het, ook om eens iets anders te lezen dan Gijp, Kraaij, of Genee.
A.H.J. Dautzenberg is een bijzondere schrijver, een bijzondere kerel. Niet alleen omdat hij zomaar een nier doneerde aan een wildvreemde en omdat hij lid werd van pedofielenvereniging MARTIJN, louter uit protest tegen de heksenjacht, maar vooral vanwege het weergaloze interview in de Vpro-gids met Lemmy Kilmister, die als monetair deskundige werd geïntroduceerd.
Ik wist niet dat hij monetair specialist was, bijna niemand, maar Dautzenberg legde uit dat Kilmister in de beginjaren van Motörhead bedrogen was door allerlei types die de revenuen van albums en concerten ins blaue hinein lieten verdwijnen. Daarop besloot de frontman de financiën in eigen hand te nemen en hij ontpopte zich gaandeweg als monetair specialist. In die hoedanigheid liet Lemmy (uiteraard wel met het nodige gevloek en getier) zijn licht schijnen op de actuele wereldwijde crisis.
Wat Lemmy zei snee hout, het klonk allemaal vrij logisch, maar helaas bleek het interview volledig uit de duim gezogen. Om waarom de Vpro-gids een rectificatie moest plaatsen. Niet tot mijn hilariteit, want ik geloofde het ook, al ben ik een beetje een naïeve man.
De zwarte man op de omslag van ‘Extra tijd’ staat daar niet zomaar. De roman gaat over de moeizame relatie tussen twee zoons en hun stervende vader. Hij ziet zijn einde naderen in de periode dat zijn favoriete club, Roda JC, vecht voor levensbehoud in de eredivisie. Dautzenberg schetst de verhoudingen binnen een arbeidersfamilie en wat intrigeert zijn de dingen die niet uitgesproken worden. De mensen zeggen meer niet dan wel tegen elkaar. En juist daarom ziet de verteller, Marcel Meulenberg, in die laatste maanden, weken, dagen, uren, seconden van zijn vader een of meerdere zwarte mannen opduiken. Ze komen uit de schemerzone. Ze willen hem iets duidelijk maken en ze dagen hem uit om het ongezegde te zeggen.
Het is goed dat er eindelijk literatuur over Roda is, verwelkomde Arnon Grunberg de roman ‘Extra tijd’ van A.H.J. Dautzenberg. De zin stond op de papieren band om het boek. De uitgave viel mij om nog een reden op: een zwarte man op de omslag.
Op een vrije trapafstand (mits door Ronald Koeman genomen) van het Feijenoord-stadion, tijdens de literaire avond Boek Nu! in de wijk Katendrecht, kocht ik het, ook om eens iets anders te lezen dan Gijp, Kraaij, of Genee.
A.H.J. Dautzenberg is een bijzondere schrijver, een bijzondere kerel. Niet alleen omdat hij zomaar een nier doneerde aan een wildvreemde en omdat hij lid werd van pedofielenvereniging MARTIJN, louter uit protest tegen de heksenjacht, maar vooral vanwege het weergaloze interview in de Vpro-gids met Lemmy Kilmister, die als monetair deskundige werd geïntroduceerd.
Ik wist niet dat hij monetair specialist was, bijna niemand, maar Dautzenberg legde uit dat Kilmister in de beginjaren van Motörhead bedrogen was door allerlei types die de revenuen van albums en concerten ins blaue hinein lieten verdwijnen. Daarop besloot de frontman de financiën in eigen hand te nemen en hij ontpopte zich gaandeweg als monetair specialist. In die hoedanigheid liet Lemmy (uiteraard wel met het nodige gevloek en getier) zijn licht schijnen op de actuele wereldwijde crisis.
Wat Lemmy zei snee hout, het klonk allemaal vrij logisch, maar helaas bleek het interview volledig uit de duim gezogen. Om waarom de Vpro-gids een rectificatie moest plaatsen. Niet tot mijn hilariteit, want ik geloofde het ook, al ben ik een beetje een naïeve man.
De zwarte man op de omslag van ‘Extra tijd’ staat daar niet zomaar. De roman gaat over de moeizame relatie tussen twee zoons en hun stervende vader. Hij ziet zijn einde naderen in de periode dat zijn favoriete club, Roda JC, vecht voor levensbehoud in de eredivisie. Dautzenberg schetst de verhoudingen binnen een arbeidersfamilie en wat intrigeert zijn de dingen die niet uitgesproken worden. De mensen zeggen meer niet dan wel tegen elkaar. En juist daarom ziet de verteller, Marcel Meulenberg, in die laatste maanden, weken, dagen, uren, seconden van zijn vader een of meerdere zwarte mannen opduiken. Ze komen uit de schemerzone. Ze willen hem iets duidelijk maken en ze dagen hem uit om het ongezegde te zeggen.
Labels:
Dautzenberg,
Lemmy Kilmister,
Motörhead,
Roda JC,
Ronald Koeman
maandag 10 december 2012
Ben Ali Libi
Zwarte man Sandman verontschuldigde zich op de tribune van de Langeleegte met de woorden 'Ik kom van Stadskanaal'. Zijn kennis van Willem Wilmink reikt niet verder dan 'deze vuist op deze vuist'. Van Ben Ali Libi had hij nog nooit gehoord. Omdat iedereen van Ben Ali Libi moet hebben gehoord doen we dit gedicht van Wilmink op de blog in de reprise. Vrijdag tegen Helmond Sport moet het voetbal beter zijn dan tegen Den Bosch. Anders gaan de zwarte mannen wederom poezie reclameren. Ook niet verkeerd.
Labels:
Ben Ali Libi,
Helmond Sport,
Langeleegte,
Stadskanaal,
Willem Wilmink
vrijdag 7 december 2012
Lagerwerf
Details zijn
belangrijk. Details doen ertoe. Details maken het verschil. Zwarte man Hadders
over de details van het veterstrikken. Ook voor voetballers niet geheel
onbelangrijk.
Na 4500 kilometer
door stoffig Spanje op een oude motorfiets waren mijn schoenen wel aan een
poetsbeurt en een paar nieuwe veters toe.
Bij de rappe
schoenlapper had ik een stel geinige two-tone veters gekocht en nadat ik oude
verwijderd had zou ik deze er in rijgen.
Na poging 1 was ik
niet tevreden. Hoewel ik me er nog nooit eerder druk over gemaakt had zag het
er
raar uit.
Bij raadpleging op
internet bleek dit de 'verkopersmethode' te heten.
Zonder dat uitgelegd
werd waarom dat zo heet kreeg ik toch het gevoel dat ik hiermee lichtelijk voor
aap zou lopen in het modebewuste Groningen.
Verder waren er de
Lagerwerf- en de Amerikaanse methode die zo op het oog niet van elkaar
verschilden.
Ook was er nog de
soldatenmanier maar die sloeg telkens een paar gaatjes over. Waarschijnlijk om
de dienstplichtige extra snel naar het front te kunnen sturen mocht de nood aan
de man komen.
Niet tevreden met
deze rijgwijzen zocht ik verder.
Ik stuitte op Ian's
Shoelace Site.
Ian beweerde dat er
twee triljoen methodes zijn om je veters te rijgen.
De moed zakte me in
de...juist ja.
Na enkele uren koos
ik voor de Straight Easy Lacing manier.
Een kwartier prutsen
later kwam ik er na lezing van de kleine lettertjes achter dat Straight Easy
Lacing alleen geschikt is voor schoenen met een even rij gaatjes aan elke
zijde.
Ik had vijf gaatjes
en dat zorgde volgens Ian voor een 'messy look'. Daar had ie wel gelijk in.
Uiteindelijk heb ik
nu de Over-Under. Maar volgens mij is het gewoon de Lagerwerf..
Zoek de verschillen.
woensdag 5 december 2012
De wet
Zo nu en dan wil je als mens weten waar je staat. Was gezang 172 uit het 'Liedboek der Kerken' niet eenduidig genoeg? Zwarte man Bill doet er als vanouds op de woensdag een schepje bovenop. 'Een mens te zijn op aarde in deze wereldtijd, is leven van genade buiten de eeuwigheid'. Over regels en wetten gesproken.
Zwarte
Mannen zijn er in alle soorten en maten. Wat dat betreft zijn we net gewone mensen.
Maar anders dan de meeste mensen zijn wij supporters van SC Veendam en hunkeren
wij zelfs op bitterkoude dagen naar De Lange Leegte.
Wat
ons verder verbindt is een sterke voorkeur voor droge worst.
Over
worst gesproken: sinds ik Zwarte Man ben hoor ik van diverse bedgenoten dat de
Kleine Bill – Willempie – in grootte (en daadkracht) lijkt te zijn toegenomen.
Inschikkelijk knik ik dan, maar ik geloof het niet. Weliswaar is het een
hardnekkig gerucht dat zwarte mannen groot geschapen zouden zijn, maar zwarte
vrienden vertellen me dat ze wat dat betreft net gewone mensen zijn: ook zij
hebben ze in alle soorten en maten. Eentje heeft een lul waarmee hij kan honkballen
en een ander gaat elke maandagavond naar de APP, de Anonieme Pinkeltjes
Praatgroep.
Afijn,
de Zwarte Mannen, dat betekent SC Veendam en droge worst. Maar het betekent ook
de wet. Wij Zwarte Mannen zouden nergens zijn als wij ons niet trouw aan de wet
zouden houden. De wet is er om na al het onderlinge geharrewar en gekissebis dat
ons mensen zo vertrouwd is uiteindelijk een grens te stellen. Dit kan wel en
dat kan niet.
Moord
en doodslag kan bijvoorbeeld niet. Elkaar daarentegen een kusje geven, dat kan
– mits met wederzijdse toestemming – weer wel. Zoals die Spaanse voetballer die
een paar jaar geleden na een goal zijn teamgenoot liefdevol even in het kruis
kuste. In eerste instantie denk je als perplexe televisiekijker: ja, hé, wat
gaan we nou krijgen? Aan de andere kant is het ook wel weer schattig. Moeten we
daar een wet om schrijven? Nee, laten wij dat in godsnaam niet doen. Sommige
dingen moeten gewoon gebeuren.
Daar
staat wel tegenover dat er ook zaken zijn die absoluut niet moeten gebeuren. Zoals
de smadelijke nederlaag van SC Veendam in de thuiswedstrijd tegen Fortuna
Sittard een paar weken geleden. Dat was jammer. Er zou echt een wet moeten komen
die zoiets verbiedt, in elk geval in de thuiswedstrijden van SC Veendam.
We
kunnen u melden dat wij Zwarte Mannen momenteel zwaar lobbyen in politiek Den
Haag om zulks zo snel mogelijk op de agenda te krijgen. Met politici is dat
niet gemakkelijk, want anders dan Zwarte Mannen zijn de meeste
volksvertegenwoordigers met geen enkele droge worst tot andere gedachten te
verleiden. Wij moeten er thans alles voor uit huis halen – en dan bedoelen wij
werkelijk alles – om met name de nieuwe staatssecretaris die verantwoordelijk
is voor sportzaken (u weet wel wie) van de goede zaak te overtuigen.
Maar
zoals het gaat, zal dat nog lang duren. Het is wat dat betreft net zo’n
stroperige aangelegenheid als het steeds weer vastlopende verkeer in Groningen
rond een uur of vijf in de middag.
Gewoonlijk
wordt het dagelijkse fileleed verklaard uit het feit dat de meeste mensen – en
ook tal van Zwarte Mannen – rond die tijd massaal huiswaarts keren na een lange
dag van noeste arbeid. Dat is natuurlijk ook zo, maar als professionele
chauffeur wijs ik als extra oorzaak de jongeren aan. Meer precies (wij Zwarte
Mannen zijn zeer precies): jongeren die het zebrapad oversteken. Nog preciezer:
jongeren die PLOTSELING het zebrapad oversteken.
Nou
hebben wij Zwarte Mannen het sowieso niet echt op zebrapaden. Dan is het wit,
dan is het zwart, dan is het weer wit, en zo verder. Wat is dat voor zwabberend
gedrag? Daar moeten wij als voorstanders van een volledig zwart zebrapad niets
van hebben.
Maar
goed, de jongeren in de stad zijn het gewoon zomaar vanuit een steeg ineens de
straat op te stormen en het zebrapad over te steken. Als nietsvermoedende automobilist
moet ik dan echt met de hakken in het asfalt om een aanrijding te voorkomen. Tot
nu toe gaat het steeds net goed.
Maar
onderhand begint dit gedoe mij eerlijk gezegd de keel uit te hangen. Met name
de stuitende arrogantie die van de gezichten van de jongeren afdruipt als ze weer
eens onverwacht het zebrapad opschieten. Zo’n blik van ‘Wie doet mij wat, want
ik heb immers de wet aan mijn zijde’.
Ziehier
de frictie die wij Zwarte Mannen ervaren op het snijvlak van wat wetteloos is en
wat niet. Want hoezeer wij de noodzaak van wetten ook onderschrijven, niets is meer
ergerniswekkend dan jongeren en andere domoren die met zo’n wet aan de haal
gaan.
Zoals:
Je MOET mij voorrang geven, want IK loop nu op het
zebrapad!
Of:
Ik rij hier exact 60 kilometer per uur, want harder
MAG ik NIET. En jullie automobilisten achter mij dus ook NIET!
Of:
Ook al fiets ik sms-end op mijn mobieltje door de
stad, MOETEN jullie automobilisten mij ALTIJD voorrang geven, want zo luidt de
wet!
Natuurlijk,
het is de wet. In principe zijn we ervoor. Het is nu eenmaal de lijn die
getrokken moet worden tussen wat wel kan en wat niet.
Maar
het is ook fijn zo nu en dan even de wet links te laten liggen, zo nu en dan
harder te rijden dan de toegestane maximale snelheid op een stuk waar geen
flitsers staan, en – ook al is het eenmalig – eens lekker extra gas te geven
als weer zo’n jongere pardoes voor je auto het zebrapad op stiefelt.
Mocht
het trouwens een speler van SC Veendam zijn in plaats van een reguliere jongere,
dan geldt dit vanzelfsprekend niet. Spelers van SC Veendam hebben te allen
tijde voorrang.
Als
dat nu ook nog eens op het voetbalveld zo zou zijn, dan hebben wij Zwarte
Mannen onze missie bereikt. Maar tot dan zullen wij ons aan de wet houden, ook
al hopen wij van harte dat men ons sommige bloedige acties de komende week door
de vingers wil zien.
©
Bill Mensema
Labels:
De wet,
Droge worst,
Gezang 172,
SC Veendam
zondag 2 december 2012
‘Ik ben boos’
Over netwerken gesproken. Na een bewogen week voor de SC rinkelt zwarte man Sandman's telefoon. Hieronder de letterlijke transcriptie van het gesprek.
‘Met Herma…’
‘Ja, met Doutzen Kroes. Ik
ben boos.’
‘Dag Dou…’
‘Waarom heb je niet gebeld?’
‘Eh, ik begrij…’
‘Er is een processie
geweest, hoor ik, de 23ste! Voor de wedstrijd tegen Excelsior! Je
zou bellen als we iets voor SC Veendam konden doen en nu hoor ik dat jullie een
Grote Mars hebben gehouden.’
‘Klopt, maar…’
‘De laatste keer dat ik je
belde zei ik dat we met de meiden iets wilden doen. Met de Kims, Feenstra en
Kardashian, Heidi, Ana Beatriz, Kate, Beyoncé. Iets in Parkzicht of zo en nu is
er iets in Parkzicht en dan bel je niet!’
‘Eh, nou…’
‘Zo’n processie was net iets
voor ons. Heb je laatst de foto’s gezien van de Victoria Secret Fashion Show laatst?’
‘Ja, snel ev…’
‘Dat was echt geweldig! Ik
was zo trots op ons. Echt keihard gewerkt met zijn allen en dan zo’n finale.
Dat was zó top!’
‘Het zag er best goe…’
‘Voor ons maakt het niet uit
hoor, of je in Honolulu op de catwalk loopt of op het Museumplein in Veendam,
daar was het toch?’
‘t Is hier wat kouder denk
ik, maar ja, het begon bij Parkzi…’
‘Dat bedoel ik. Je zou echt bellen.
Dat had je beloofd!’
‘Ik da…’
‘Hérman. Valt me tegen. Jij
was toch van De zwarte mannen, jullie hebben de publiciteit aan je kont hangen
zeggen jullie. Een netwerk van hier tot gunder. Maar dan moet je wel bellen.
Waren jullie er zelf trouwens?’
‘Een paar van o…’
‘Jij ook?’
‘Nou…’
‘Niet?’
‘Nee, ik ha…’
‘Nu ja, je hebt het ook
druk, dat weet ik. Ik loop ook een beetje hard van stapel. Maar ik zat laatst
te klessebessen met Adriana en Candice, ik geloof in Coco de Ville, even zo’n
avond van vrouwen onder elkaar, je weet wel en die spraken mij aan op die
processie en toen wist ik van niks en dat vond ik zó jammer. Ik bedoel, ik wil
graag iets doen. Hetzelfde zeg ik tegen Praat mar frysk. Sunnery had plaatjes kunnen draaien, die vindt
zoiets ook altijd wel leuk.’
‘Tja, het komt ook een be…’
‘Hebben ze trouwens gewonnen
toen?’
‘Ja. Maar Doutzen?’
‘Ja, lieverd…’
‘Volgens mij komt er nog een
processie.’
‘Oh ja! Wauwie! Wanneer dan?’
‘Ik meen de 14e.
December. Dat weet ik niet zeker. Kan ook de 21e wezen. Moet ik even
Dick Heuvelman mailen.’
‘Wil je dat doen? Oh, dat
zou ik te gek vinden. Ik ga Candice, Beyoncé en Adriana meteen bellen. Dat ze die
dag vrij houden. Kun je in Parkzicht logeren?’
‘Volgens mij we…’
‘Ok. Hé, ik moet hangen.
Sunnery komt net thuis. Die doet vandaag boodschappen, maar daar klopt nooit
iets van, pindakaas met nootjes in plaats van Duo Penotti, dus dat moet ik altijd
direct ruilen. Hoor ik van je?’
‘Als ik het niet verge…’
‘Hérman!’
‘Ok, ok. Ik zal het noteren.’
‘Ok. Kusje. Je weet dat je
een speciaal plekje in mijn hart hebt, hé?’
‘Weet ik.’
‘Ik zeg dat niet zomaar,
want Kim Kardashian, die zag een foto op de blog, ik geloof waar jullie
metworst zaten te eten en die was helemaal wild van jou. Toen heb ik gezegd dat
je mijn vriend was, want toen, die zomer, dat gaat nooit weg, maar ik zie dat
Sunnery een pak bastognekoeken wil openma… HÉ SUNNERY GODVERDOMME WAT DOE JE?
NIET OPENMAKEN! DAT MOET NOG TERUG! Wat is het ook een klotenklapper… eh sorry…
…je hoort het, ‘t is hier weer een gekkenhuis. Ik ga hangen. Kuskuskuskus.’
Labels:
Beyoncé,
Candice Adriana,
Doutzen Kroes,
Kim Kardashian,
Sunnery
zaterdag 1 december 2012
Abonneren op:
Posts (Atom)




