Posts tonen met het label De Langeleegte. Alle posts tonen
Posts tonen met het label De Langeleegte. Alle posts tonen

maandag 6 mei 2013

Leeg


Zwarte man Bill heeft het over verbindende lijnen. De Langeleegte als stadion en meer. Wat de toekomst brenge moge?


Sinds het faillissement van SC Veendam staat De Langeleegte leeg. Dit was niet de opzet toen het in 1954 werd geopend, maar we kunnen niet om de feiten heen. De club bestaat niet meer, maar het stadion staat er nog steeds. En het stadion is leeg.
Een van de mooiste, markantste stadions van het land staat nu ongebruikt in een verlaten hoekje van de Parkstad. Zeker, het is niet perfect, state-of-the-art en hypermodern zoals de Euroborg in Stad, de Arena in Amsterdam of het megalomane megaproject dat straks in Rotterdam voor bijna een half miljard de Kuip gaat vervangen. Het is een van de meest verafgelegen stadions in Nederland, waar andere clubs jarenlang naartoe afreisden met een mengeling van wrevel over de lange uren in de bus en huiver vanwege de angst inboezemende naam.
Maar tegelijkertijd is het een van de weinige plekken in het land waar elke wedstrijd een echte voetbalbeleving was, waar hele gezinnen op af kwamen, waar moeke Alberts onbekommerd zat te schelden op de tribune, waar de kleine Oscar zijn eigen, thuis gemaakte geelzwarte vlag zwaaide bij elk doelpunt (ook bij eentje van de tegenstanders), waar je het gras in elke hoek kon ruiken, net zoals het bloed, zweet en tranen van de spelers op het veld, waar Cijntje na afloop geduldig handtekeningen bleef zetten.
Waar de patat goed smaakte. Net als het bier. Waar supporters van Excelsior of De Graafschap nadien gebroederlijk stonden te drinken met onze eigen hooligans. Waar de hoge veldlampen nog een tijdje het inmiddels lege stadion in het licht bleven zetten, voordat de nacht opnieuw zou vallen over de Veenkoloniën.

Waar we soms het hart van De Langeleegte hoorden kloppen.

De Langeleegte.

Net als Leegkerk – een diep in het land verscholen gehucht vlakbij Hoogkerk – betekent ‘leeg’ in het Gronings niet ‘leeg’ maar ‘laag’. We zien deze betekenis ook terug in de naam Leegwater.

Onze Langeleegte is een lange laagte.

Onze Langeleegte heeft een bezoekerscapaciteit van 6.500. Ik ken dat aantal. Ik ken het van een concert dat Bob Dylan in 2008 in het Deense Odense gaf. Voor 6.499 Denen die daar op afkwamen. En ikzelf. Net als Bob ook een mannetje van het lage land.

In de lange duisternis begin ik weer punten te zien. Nu nog de verbindende lijnen trekken.



© Bill Mensema

zondag 21 april 2013

Zwarte Mannen Lied

Kees van Kooten vond het al vreemd. Waarom laat Rutte op de avond van de verkiezingen Gorden zingen op de overwinning. Rutte houdt waarschijnlijk meer van Gordon dan het omgekeerde.Rutte, een man die in z'n vrije tijd piano speelt en wel eens een boek van Thomas Mann heeft gelezen. Gordon! Dan klopt er iets niet. Op 30 april moet het volk verheven worden en willen we geen Wilhelmus gezongen door iemand als René Froger. Gezien het niveau van het koningslied zijn de zwarte mannen bang dat verheven worden er niet in gaat zitten. Koning middelmaat gaat regeren.

Zwarte man Sandman heeft door het lied inspiratie opgedaan. Goed beschouwd heeft de Veenkolonien ook een troonswisseling achter de rug. Van De Langeleegte naar de Eeuwige Leegte. Sandman heeft een parodie op het Koningslied geschreven. In een half uur tijd. Hij had ook geen zin er meer tijd aan te besteden. Het is zo ongeveer het slechtste wat hij ooit heeft geschreven, maar dan is hij nog in het voordeel ten opzichte van die vijftig tekstschrijvers waaronder Daphne, John, Guus en Alain, want hij deed het in z'n eentje. Hij wist dat wat hij ook schreef, het niet slechter kon zijn dan wat zij hadden gemaakt. Alleen zijn we geboren en gaan we ook weer dood.


Het Zwarte Mannen lied

Daar lig je dan
Je laat de bagger over je heenkomen
Daar komt het dan
De dag waarvan je wist: fluitjepoep tralala
Daar ben je mooi klaar mee
Want je hebt niks te willen

Daar lig je dan
Een mens krijgt wat voor de kiezen
Je helemaal uit genavveld
Nou, daar komt het dan
Als je dat had geweten
Elke stap een stap dichter bij de hel
Niemand loopt met je mee

Wat nou regen en wind?
Nee, je blijft hier niet naast mij staan.
Ik bescherm helemaal niemand
Het is ieder voor zich
En God, mocht ie bestaan, voor ons allen
Met die stormen, zoek het lekker uit,
Regen doet het hier toch altijd

Wat een strij… eh, tijd,mensen
We staan hier naast elkaar te braken
Zo’n dag, op van de zenuwen
Alweer in de storm en de regen
Zoals gezegd, ieder voor zich
Ik laat een wind, een keihard geluid
Ja, ik ben Calimero, de lul
Nooit geen daden, zo groot
We gaan weer onderuit
Mijn kind die lacht mij uit
Mijn pa en mijn ma nog meer
Fuck die eeuwige wind en regen
Niemand zal achter je staan
Weer een kogel draagt mijn naam
Die komt er ook, best wel snel
Een dijk van een blow in mijn handen
Ja, wat moet je, met dit weer

Kan me niet schelen wat jedroomt
Aan welke balk je je verhangt
Ik zal niet rusten tot er haar op groeit
En als je ooit je eend verliest
Zal ik kwaken in de nacht
Ik trap wat bejaarden in elkaar

Ik heb jeuk als van een kameel
Tot een kauw zijn nootje breekt
Kijk toch eens man, hoe je beeft

De V van Veendam
Middelvinger in je reet, spoorhekken, spoorhekken
De V van Veendam is de V van vuck
Ja, slaat nergens op, maar ja
De V van voorbij, voorbij, voorbij
We houden het niet droog, zuipen ons klem
De V van vaarwel forever, nok af
Laat God er in Godsnaam buiten
De V van Veendam
De V van verneukt, in ons hol genaaid
Miljoenen euro’s er doorgedraaid
De V van af en toe een keer winnen
Wij staan buiten, de rest is binnen
De V van Vok, wat moeten we nou?
Ik trem je helemaal in elkaar
En dus zwijgen we vandaag want

Zo zat ben ik van wind en regen
Ik blijf echt niet naast je staan
Want ik heb meer te doen vandaag
Ben trouwens ook best wel moe
Aan me reet wat betreft die storm
Nou, daar hoor ik weer een deur

Hoef niet weten wat je droomt
Ben ik echt wel klaar mee
Ik pak mijn duster het wordt laat
Mocht je ooit verdwalen
Bel niet, ben niet thuis
Nooit geweest, vrienden bestaan niet

En rot lekker op met die leeuw
Knoop in je oren: het was niks
Het is niks en het wordt niks

dinsdag 9 april 2013

Bombino

Communicatie is van belang. Je kunt nog zo'n goed product in de aanbieding hebben. Als er niemand weet van heeft gaat het met de verkoop echt niet opschieten. Wat zou het Christendom zijn zonder Paulus. Ondanks de reacties van sommigen dat wij na vorige week van zins zijn te stoppen gaan de zwarte mannen gewoon door. Wij hebben dit ook nooit gecommuniceerd. Wij hoeven onze ambities helemaal niet aan te passen. Jupiler Leage of niet, The Black Keys op de Langeleegte kan nog steeds. Vanavond in de Oosterpoort komen we in de buurt. Bombino, Touareq gitarist treedt op. Zijn laatste plaat werd geproduceerd door Dan Auerbach van The Black Keys. Over mannen en locatie gesproken. Kijk naar het prachtige filmpje hieronder. Als het in de woestijn kan, dan kan het zeker aan de Langeleegte. Een prachtig stadion, dit blijven we communiceren.

Vanavond om 20.30 in de kleine zaal Oosterpoort Groningen. De zwarte mannen zijn van de partij. Even de kop leeg na al dat gedoe met voetbal. 

Bombino toon ons u kunsten en verhef ons. Tot vanavond.


zaterdag 6 april 2013

Kut

De vrijdagavond was anders dan anders. De stadionlampen van de Langeleegte zijn even geen gids meer. Gelukkig helpt zwarte man Mensema met verwerking door er snoeihard in te gaan. Eens zal het licht weer schijnen, schaduwen verdwijnen. Van oost tot west, van noord tot zuid. Goed weekend en veel leesplezier, maar het blijft ...




Kut. Dat is het eerste wat ik denk als ik de nieuwslezeres van TV Noord hoor zeggen dat – ondanks alle inspanningen van mannen als Henk de Haan, onze eigen Zwarte Man Van der Veen en talloze anderen – SC Veendam alsnog definitief failliet is gegaan.

Zwaar kut.

Ik voel ook hoe mijn teleurstelling omslaat in woede en hoe ik het liefste degenen die verantwoordelijk zijn voor de smartelijk neergang van onze geliefde club zou willen opknopen aan de hoge veldlampen van De Langeleegte. Maar dat zijn alleen maar stompzinnige, extreme gevoelens, die voortkomen uit boosheid en frustratie. Dat zijn geen emoties om op te bouwen.

Dingen gebeuren nu eenmaal.

Vroeger ging het een voetballer vooral om de glorie en werd hij na zijn carrière beloond met een goedlopende patatzaak in het centrum, of naast het stadion.
Vroeger had je zwijnenboeren die de tent runden en hun zaken deden op basis van instinct en wat ze in Amerika zo mooi een ‘gut feeling’ noemen. Met een simpele handjeklap werden de zaken vervolgens beklonken.

Maar dat was vroeger.

Tegenwoordig durf je als directeur nauwelijks meer een besluit te nemen zonder een risicoanalist in te huren, die dan doodleuk eerst gedurende minstens een maand de kosten van de risicoanalyse zelf gaat berekenen, alvorens met de eigenlijke analyse aan de slag te gaan.

Tegenwoordig stikt het van de spelersmakelaars, die nooit in een cafetaria de belangen van hun cliënten verdedigen, maar daarvoor juist plaatsnemen in chique restaurants met meer sterren dan dat er gemiddeld aan goals in een voetbalwedstrijd vallen. Het gaat dan om torenhoge salarissen voor de spelers, maar ook om het rendement als zo’n speler op een gegeven moment kan worden doorverkocht.

Tegenwoordig tel je als speler pas mee als je in een dure bolide naar het oefenveld komt in plaats van op de fiets.

Tegenwoordig tel je als speler pas mee als je een graatmagere supermodel als verloofde hebt in plaats van een lekker mollig wijf die ook nog eens weet hoelang je een bamischijf in het vet moet laten pruttelen.

Tegenwoordig tel je als speler pas mee wanneer je ook naar uitwedstrijden je eigen tatoeëerder mee mag nemen.

Tegenwoordig wordt in het voetbal – net zoals in de zorg of in het onderwijs – het meeste geld uitgegeven aan dat wat er totaal niet toe doet.
Je kan er kwaad om worden, maar waarom zou je?

Woede is volstrekt begrijpelijk, zeker nu onze SC het loodje heeft gelegd. Maar het is niet het juiste gevoel om verder op te bouwen. Daarvoor is het te negatief.

Denk liever aan wat het voetbal voor ons als supporters betekent. Denk liever aan de prachtige avonden die we in De Langeleegte hebben beleefd.

Waren we niet samen als onze jongens op het veld streden voor de overwinning? Gingen we niet met z’n allen uit het dak als er een doelpunt werd gemaakt? Zaten we niet met z’n allen te kankeren als het weer eens mis ging? Droegen we het verlies niet met z’n allen, net zoals we de winst vierden?

Stonden we niet gebroederlijk naast elkaar te pissen gedurende de pauze? Sloegen we elkaar niet op de rug, omdat we blij waren dat we er weer eens met z’n allen bij waren?
Keken we bij binnenkomst niet omhoog naar de hoge veldlampen met al dat licht? 

Verheugden we ons niet op de pot die elk moment beginnen zou?
Scholden we er niet op los? Schoten we een moment later niet in de lach? Applaudisseerden we niet voor onze jongens na afloop van het spel?
Waren we niet blij Angelo Cijntje na een lang herstel weer in ons midden te kunnen verwelkomen?

Voetbal is niet echt een sport. Bij sport gaat het immers om de beste prestatie, ongeacht wie het doet. Bij voetbal gaat het daarentegen altijd om ons tegen de rest. Maar als we winnen, zijn we niet echt de beste. Nee, we zijn op dat moment alleen net iets beter dan onze tegenstander.

Maar zelfs daar gaat het uiteindelijk niet om.

Voetbal gaat om onszelf. Of we nou in de dure, verwarmde business lounge zitten, of op de kille Windhoektribune staan te klappertanden, of zelf in het veld staan, het gaat om ons allen. Wij komen op een vrijdagavond bijeen in De Langeleegte, zoals anderen dat doen in de kerk of in het buurtcafé. Vanzelfsprekend hopen we op een mooie wedstrijd en dat onze jongens er drie punten uithalen. Maar het gaat er vooral om dat we weer eens bij elkaar zijn. 

Dat we samen zijn.

Omdat we mensen zijn.

Omdat we het zo nu en dan nodig hebben de anderen om ons heen te weten.
De warme, hoopgevende lichten van de veldlampen van De Langeleegte gaan nu uit. De rekeningen moeten worden betaald. De schulden moeten worden afgelost.
Maar ooit zullen de veldlampen weer worden ontstoken. Want ooit komen wij weer bijeen in De Langeleegte. Omdat wij mensen zijn. Veenkolonialen die andere Veenkolonialen nodig hebben.

Tot dan!

© Bill Mensema